Home
Kennis en Economie
Recht en Veiligheid
Europa
Jihad vs McWorld
E-government
Nieuwe democratie
   archief december 2005
archief september 2005
archief juli 2005
archief mei 2005
archief april 2005
archief maart 2005
archief februari 2005
archief augustus 2004
archief januari 2006
Columns
Politici
Overzicht thema`s
Verkiezingen
Tools
Het Belgenrapport
Nieuwsbrief
Colofon
Poldi.Net




Het managen van ongeduld
Peter Aubert Gepost:     dinsdag, 20 januari 2004, 15:00
Van:     < Peter Aubert - Ministerie Economische Zaken >
URL:     < http://www.minez.nl >

Om een duurzame samenleving te krijgen, moeten technieken, mensen en systemen veranderen. Daarvoor zijn coalities nodig van rijksoverheid, bedrijven, milieubeweging en gemeenten. Een belangrijke vaardigheid daarbij is het managen van ongeduld.

Duurzaamheid staat hoog op de agenda bij de overheid. Productie en consumptie onder economische condities zonder schade aan mens en milieu, wie wil dat niet? Toch blijkt dat nog een hele opgave. Technieken, mensen en systemen moeten veranderen; op lange termijn krijgen we andere steden, landbouw, verkeer, handel, andere energie. ‘Transitie’, noemen we dat sinds het Nationaal Milieu Plan (NMP4) waarin verschillende ministeries integraal deze problematiek proberen aan te pakken. Het ministerie van EZ wil de transitie naar een duurzame energiehuishouding helpen realiseren.

De samenleving zelf
Duurzaamheid laat zich echter niet vanuit Den Haag proclameren. De samenleving zal het zelf moeten doen. Mensen, bedrijven, organisaties moeten samen ideeën vormen, plannen smeden, acties ondernemen om de nodige veranderingen tot stand te brengen. Acties en veranderingen waar ze vanuit hun eigen doeleinden misschien niet eens waren begonnen. Dat gaat niet vanzelf, en is ook niet van de ene dag op de andere te realiseren. EZ is er in de eerste twee jaar van zijn transitie-aanpak redelijk in geslaagd om maatschappelijke partijen die ogenschijnlijk weinig met elkaar te maken hadden, aan elkaar te koppelen. Door dit proces zijn nu bedrijven, milieuorganisaties, kennisinstellingen het eens over de stappen die er gezet moeten worden (‘transitiepaden’) op het terrein van Biomassa, Nieuw Gas, Duurzaam Rijnmond en Duurzaam Produceren.

Het snelle succes
Na de ideeënvorming komt het nu op de uitvoering aan. Dit jaar zullen er op de ontwikkelde transitiepaden, concrete projecten (transitie-experimenten) worden gestart. Een goede voorbereiding is echter geen garantie voor succes. En successen zijn nodig om de deelnemers, hun achterban, de (nog) afwachtende buitenwereld te tonen dat de transitie-aanpak ook echt wčrkt. Vandaar de vraag hoe we de energietransitie op gang houden met een serie van concrete resultaten, waarin alle coalitiepartners zich herkennen, zonder in de valkuil te trappen van ‘het snelle succes’?

Ongeduld-management
De deelnemers aan het transitieproces verwachten van de ‘transitiemanager’ dat die de coalities niet alleen smeedt, maar ook bij elkaar houdt. De gevormde coalities zijn echter bijzonder heterogeen. Er zitten bedrijven in, die meestal oog hebben voor de wat kortere termijn. De overheid zelf is deelnemer, als hoeder van het publieke belang, met een oriëntatie op de wat langere termijn. Als derde partij zien we de milieubeweging, actieve burgers, aanschuiven: die verlangt vanuit een lange termijn-oriëntatie naar successen op korte termijn. Als vierde partij zijn er de steden en dorpen met hun lokale overheden, waar de transitie-experimenten moeten gaan plaatsvinden: zij zullen snel de vruchten willen plukken van hun getoonde risicobereidheid. Om zo’n heterogene coalitie in stand te houden moet ‘ongeduld management’ worden ontwikkeld. Maar hoe richten we transitie-experimenten zo in dat het ongeduld van coalitiepartners onder controle blijft en de zorgvuldigheid van het experiment gewaarborgd blijft?

De auteur is werkzaam bij het Ministerie van Economische Zaken.